Home > Verhalen > HELP: troep met vieze dingen

HELP: troep met vieze dingen

31 juli 2008

Het loopt tegen het einde van de maand juli en de mussen tuimelen vandaag amechtig uit de dakgoot. Tijd om de barbecue in stelling te brengen… zou je denken!

Zoniet hier: mijn Boze Oude Vader ageert al tientallen jaren tegen het gebruik van zulk een apparaat, al was het alleen al omdat het ding een ‘Angelsaksische’ naam draagt (BOV is namelijk anti-Brits en anti-Amerikaans).

Een ander argument is dat hij op dit soort dagen naar zijn zeggen ‘verbrand vlees’ moet eten. Dat laatste is natuurlijk niet waar, want de lapjes, worstjes, pootjes, vleugeltjes en spiesjes worden hier altijd zorgvuldig gegrild, zonder dat er ook maar één kankerverwekkend zwart randje aan te ontdekken is.

Het derde – maar misschien wel meest doorslaggevende – argument luidt dat ‘de buren’ er wel eens hinder van zouden kunnen ondervinden.
Met dat laatste smoesje in ’t achterhoofd heeft mijn Wijze Oude Moeder onlangs een elektrische versie van het aloude houtskoolbakje aangeschaft… Geen gedoe meer met aanmaakhoutjes, aanmaakblokjes, krantesnippers en wat dies meer zij: stekker in het stopcontact en gaan met die varkenskaan.

BOV is echter nog steeds even fel gekant tegen de inzet van een BBQ; hij moet er vanavond tot zijn grote droefgeest en ongenoegen evenwel aan geloven, en als de weersomstandigheden zo blijven: nog veel vaker dan hem lief is.

Het gemopper is aldus weer niet van de lucht. Want bij BBQ hoort sla, en daar is de man ook al niet dol op. Jaaahh… gewone Hollandse kropsla met een gesnipperd uitje, wat slaolie, azijn en een flinke dosis zout; dat wèl!

Maar helaas heb ik anders besloten: het wordt dus botersla („Wat is dat nou weer voor ’n onzin?”) met halve kerstomaatjes, gevierendeelde aardbeien, maïskorrels en snippers surimi. Kortom: ‘troep met vieze dingen’.

Deze aanduiding moet ik me de voorbije maanden wel vaker laten welgevallen. Bijna alles wat ik bereid voldoet namelijk aan die kenschets. Daaronder valt bijvoorbeeld ook een Franse roerbakschotel die ik onlangs bereidde van courgettes, aubergines en krielaardappeltjes, gekruid met rozemarijn en tijm.

„Wat zijn dit voor onduidelijke brokjes groente, en waarom zitten er dennenaalden in m’n eten?”

Vandeweek was BOV een paar dagen ziek: zomergriepje ofzo. Ik ben de rotste niet, en dus nam ik uit de supermarkt zijn favoriete voedsel mee: door Unox bereide tomatensoep en ossestaartsoep (beide ingeblikt en nogal zout).

Als klap op de vuurpijl heb ik – zeker toen de Patiënt aankondigde niet te zullen deelnemen aan de warme avondmaaltijd – nog wat witte boterhammetjes geroosterd, ontdaan van korstjes. Je zou denken: dat zal hij dan wel op prijs stellen.

Welnee, van het moment dat hij lucht kreeg van het feit dat WOM een stevige zuurkoolschotel met worst en spek ging bereiden, knapte de Patiënt zienderogen op, verwees hij zijn lievelings-soepjes naar de voorraadkast en viel aan op het winterse stamppotje, dat een normaal mens alleen bij temperaturen rond de nul graden kan verdragen.
De dagen daarna heb ik hem tevreden kunnen stellen met bruine bonen, worst en spek.

Gèk he, dat het op dit blog de laatste tijd zo stil is…?! Heeft iemand enig idee hoe ik deze ‘voedsel-terreur’ kan keren?
Als ik toegeef aan ’s mans wensen (lees: eisen) eten we zeven dagen per week raasdonders met appelmoes, en havermoutpap als toespijs.

Om met Dik Voormekaar te spreken: „Ik wor’ gek…!”

Categorieën:Verhalen
  1. José
    6 augustus 2008 om 10.11

    Fijn dat je er weer bent!
    Voor jou een last, maar voor de lezer een hilarisch feuilleton.
    Laat je niet gek maken!

  2. Robert Jan
    6 augustus 2008 om 19.34

    Telkens wanneer ik zo’n reactie als die van jou lees, sta ik weer enigszins verbaasd: er zijn dus werkelijk mensen die plezier beleven aan mijn sjacherijn…?! Lollig om te vernemen!

    Ik laat me heus niet gek maken hoor (al kost het me soms grote moeite om de ‘negative vibes’ te weerstaan) en ga onverdroten voort met het bereiden van allerlei lekkers – al was het alleen maar om mijn Wijze Oude Moeder te plezieren.

    Het geregeld schrijven over eten heeft echter wel te lijden onder het regime van mijn Boze Oude Vader, aangezien ik nauwelijks nog uit de band kan springen – qua afwisseling. Het is immers weinig zinvol om aanhoudend stukjes te publiceren over laffe bordjes ‘piepers-groente-vlees’ of ‘elementaire stamppotjes’.

    In die fase ben ik dus wèl aanbeland: omwille van de lieve-vrede conformeer ik me steeds vaker aan de nukken van de ‘ouwe heer’, en daar valt nu eenmaal weinig vrolijks over te vertellen.

    Maar vrees niet: zodra ik weer iets culi-leuks beleef ben je de eerste die het weet! (Als je mijn blog tenminste nauwlettend in de smiezen houdt…)

  1. No trackbacks yet.
Reacties zijn gesloten.